* snow into sense * press coverage by an independent citizen writer

Site menu:

NetworkedBlogs


Archive

Meta

Archive for August, 2008

bevrijd van krijt

Onder het motto ‘het mag al eens een quote zijn’ en dit naar aanleiding van de thuiskomst uit Marokko van mijn bijna zestienjarige zoon vandaag.

Het betreft een stuk uit een brief van Hafid Bouazza aan Gerrit Komrij, gepubliceerd in De Standaard van vrijdag 30 mei 2008.

Het treft me niet alleen omdat het mooi geschreven is, maar ook omdat het op passende wijze het puberteitsgebeuren beschrijft. De schrijver is er bovendien ook nog in geslaagd dit in een pardoese vrije val te laten samenvallen met een leeg schoolplein en de thuiskomst bij de oermoeder. De leegte en het gemis die we zo haten op die leeftijd en tegelijkertijd koesteren, alsof het een medaille was, binnengehaald na het behalen van het eerste zwembrevet [50 m]. Coupez le cordon, mes enfants! Coupez!

“…Ik denk dat ik het beeld begrijp: het hormonale bacchanaal van de puberteit, de pijn van het groeien, het onbegrip dat de puber ten deel valt (want een begrepen puber is een antithese) en de onbewustheid van een krakkemikkig omhoog krakende jeugd, die achteraf - te laat! te laat! - altijd onbenut blijkt: dat sprak er uit dat schouwspel voor mij: niet symbolisch of emblematisch, jongens wisten waar ze over spraken en waar ze stonden/zaten in het leven. Zo thuis buitenshuis.

Ik moest denken aan mijn jaren op de lagere school waar ik, nadat de schelbel ons van de geur van krijt had bevrijd, alleen op het verlaten schoolplein bleef spelen, ik wilde het moment voordat ik naar huis ging, uitstellen, juist omdat ik thuis miste en dat gevoel van gemis wilde rekken. Ik heb nog steeds een zwak voor verlaten schoolpleinen. Natuurlijk kreeg ik een schrobbering van mijn moeder omdat ik altijd zo lang op mij liet wachten. Toen ik haar een keer vertelde dat ik langer wegbleef omdat ik thuis miste, was haar praktisch antwoord: ‘Als je thuis mist, dan kom je toch direct hier naartoe?’ Ik gaf het op. Wie kan ik uitleggen dat het gemis van een vertrouwd huis intenser is en meer geborgenhed biedt dan de vertrouwdheid van een onvermijdelijke thuis?…”

Kronenburgstraat

koerske

Het gebeurt in de Kronenburgstraat. Ik fiets. Een hele gebeurtenis. Want ik heb een nachtje schilderwerken onder de leden. Ik fiets dus. Dat lukt. Plots sprint een getaand jongetje van een jaar of vijf, zes uit de coulissen. Voorwaarts. Hij probeert gelijke tred met mijn fiets te houden. “Hallloooo!”, schreeuwt hij. Dat laat ik me geen twee keer zeggen. “Halllooooo!”, schreeuw ik terug. En dan valt het wonderlijke woord: koerske. “Koerske?”, roept hij al hijgend, [voor zover dat al hijgend mogelijk is]. Het is bij mij in elk geval sinds kinderheugnis geleden dat ik nog koerske heb gereden. “Ik ben moe…”, zeg ik eerst, alsof het zijn fout is dat ik toch midden in de zwoele nacht [30°] heb staan schilderen. “Wacht!”, zeg ik dan. Ik zet me schrap, ga gebogen over het stuur hangen en roep: “Ja, nu!”. Hij schiet niet geheel onverwacht uit de startblokken. In vakjargon zou dit een valse start heten. Niet getreurd! Ik laat mijn tong als een ware koerspro uit mijn mondhoek hangen en duw als een bezetene op de trappers. Tom Boonen achterna, maar dan zonder zetpillen. Ik doe koerske in de Kronenburgstraat en dat maakt me blij. “Gewonnen!”, roept het ketje en tikt de finish op het hoekje van de straat aan: een lantaarnpaal. Ik snuif misnoegd. Ik rijd tot vlakbij het jongetje, steek mijn arm uit en vraag: “Hoe heet jij?” “Mohamed!” “Mohamed,” zegt ik “gefeliciteerd, jongen! Dat heb je goed gedaan. ” Hij steekt zijn borst vooruit en klopt als een prof met zijn vuist op mijn hand. High five op zijn Marokkaans. “Mohamed, dat doen we volgende keer opnieuw,” zeg ik. “Let dus maar goed op, want straks kom ik opnieuw voorbij.” “Okay,” antwoordt Mohamed, “tot straks!” en ik denk dat hij ook even naar me knipoogde, maar dat weet ik nu niet meer zo goed. Mohamed, you made my day!�

your life, on the line

plurk

Vers geplurkt voor u. Your life, on the line. Gedaan met elke keer uw status up te daten op networkingsites [linkedin, plaxo en facebook, in mijn geval]! Kost veel tijd, energie en dus ook geld. Met plurk.com doet u het één keer, wanneer het u uitkomt. Iedereen die uw activiteiten wil volgen, logt in op plurk.com. Plurken is een beetje als twitteren, dat moet ik toegeven. Aan u om mij te vertellen of u plurken boven twitteren verkiest, of omgekeerd. Ondertussen ga ik even te rade bij de voorzitter van de twitterbond, zijnde Gordon Lokenberg. Ik leerde Gordon kennen op ThinkTomorrow waar hij de godganse dag twitterde. [Dat heet in vakjargon: dat het een lieve lust was.] Tussendoor poste hij ook nog eens en direct over het event op zijn blog. Gordon is dus een adept.  Maar hoe hij ook aandrong, mij kreeg hij niet op de twitter. Geen idee waarom. Of toch. Plurken lijkt me wel wat. Plurken, plurkt, geplurkt klinkt tenslotte toch beter dan twitteren, twittert, getwittert? En de plaatjes natuurlijk. De plaatjes op plurk, plurken een eind weg. [Dat heet in vakjargon: the look ‘n feel.] Verder is er de timeline, ofte tijdslijn. Je hele leven plurkt gewoon voorbij op een leuke tijdlijn, zo eentje als in de geschiedenisles in de eerste klas van de basisschool. Met een streepje duidde ik toen zorgvuldig de ‘Renaissance’ of ‘De Neanderthalers’ aan. My life, on my line! Word ik toch nog een beetje beroemd. Net als in de film, ik wil het!

Hieronder de widget die mijn plurkjes tonen. Heb nog niet ontdekt hoe de widget in mijn sidebar geplurkt wordt, maar tijd brengt zeker raad. Tot ziens, hoors, zoens, schrijfs of plurkens.

Plurk.com

go bananas

go bananas

How bananas can you go? Kevin ‘The Banana Man’ Allen vindt dat je daar behoorlijk ver in mag gaan, tenminste als het voor de goede zaak is. Kevin is een Engelander [no comment] die op televisie een documentaire over AIDS-wezen in Zululand, Zuid-Afrika, zag en als de wiedeweerga zijn spaarvarkentje in stukken sloeg om de zuurverdiende centjes naar de Zuluutjes te katapulteren. Ter plaatse kocht hij bij lokaaltjes [geweldige term, gestolen van Raoul De Jongh, maar daarover straks meer] emmers vol fruit, bananen om precies te zijn, om uit te delen aan de zwarte weesjes. Zo kreeg hij als de wederwiega [is een wiedeweerga met terugwerkende kracht] de bijnaam Banana Man’. Nu vind ik persoonlijk dat mijnheer Banaan eerder iets weg heeft van een Sam Goris dan van een banaan, maar daar is op zich niets op tegen. Toch blijft het voor mij een verhaaltje met een happy end waar een Febreze-geurtje aan hangt: eens thuis nam hij er een tweede job bij om opnieuw geld te verzamelen om zoveel mogelijk kinderen te helpen. Vervolgens startte hij een charity project om structurele hulp ter plaatse te bieden. Is dat erg? Dat valt te bezien. Ik hoorde voor het eerst van dit Kuifje in Zululand via Bert Verdonck en zijn vrouw, Tonia Opdebeeck. Zij besloten Kevin een beetje met zijn fruitcocktail te helpen. Op 8 en 9 augustus ll. namen ze deel aan de Dodentocht om geld in te zamelen. Ze haalden zich niet alleen de finish, maar ook een heleboel blaren op de hals, maar dat stoorde het koppel geenszins. [Bert zit overigens nooit om een leuk idee verlegen, getuige hiervan Berts’ deelname aan de Verbal Jam 5.] Bert en Tonia verzamelden zomaar eventjes 4000 euro het voorbije weekend en als je weet dat Kevin slechts 0,07 € nodig heeft om een kind voor 1 dag te voeden, dan kan hij daar in de nabije toekomst al heel wat hongerige maagjes mee vullen. Om het fruit te ontvangen, is het kindje verplicht op school aanwezig te zijn, dus dat geeft twee tseetseevliegen in één klap. En een kind dat schoolloopt, leert over AIDS en loopt hopelijk minder kans op besmetting door volwassenen met AIDS. [Dat is een derde klap, een malariemug in dit geval.] Ik heb gestort voor de hele [fruit-]handel, maar ik sta altijd wat sceptisch tegenover deze initiatieven. Niet alleen heb ik thuis al enkele zwartjes te voeden [knipoog], ik vraag me altijd af of het geld goed terechtkomt en of het überhaupt terechtkomt waar het zou moeten terechtkomen, zeker als de financiële steun bij middel van de digitale snelweg gaat. Daarom hou ik zo van het werkje ‘Stinknegers‘ van Raoul De Jong. ‘Wraoul’ zoals de Amerikanen hem plegen te noemen, is een Nederlandse halfcast met mogelijks een Surinaamse vader, die op twintigjarige leeftijd naar Afrika trekt om uit te zoeken of ontwikkelingswerk naar Europees kolonialisme ruikt of eerder iets weg heeft van dweilen met de kraan open. De Jong heeft een licht neurotische maar grappige schrijfstijl, waarmee hij dagboekgewijs zijn wedervaren met de lokaaltjes in West-Afrika vertelt. Uiteraard laat hij daarbij alle politieke correctheid varen maar omdat hij zichzelf ook niet spaart, levert dit een onbezoedelde kijk op Afrika op. Een voorproefje uit ‘Stinknegers’ in de overheerlijke en typische ‘Jip en Janneke-stijl’ van Raoul De Jong:

“Want zo dacht ik ook over Afrika, voor ik er was. Als een heel armoedig, doch o zo zuiver, afgesloten continent. En zo is het niet. Het is noch armoedig, noch afgesloten, noch zuiver. Het zijn gewoon mensen, net als hier. Even egoïstisch en materialistisch, ze hebben alleen minder. Ze hebben alleen minder, en dat wordt dan armoede genoemd, maar het is geen armoede als je er bent, als je erin leeft. Dan is het gewoon anders, meer niet.”

Raoul De Jong vraagt zich, net als ik af, of wij, als Amerikanen of Europeanen, of als blanken tout court, daar zo nodig moeten gaan ingrijpen, “hoe zwaar en ellendig dat systeem in onze ontwikkelde ogen daar ook moge zijn? Was dat eigenlijk ook een vorm van kolonialisme, ook al was het dan een goedbedoeld en gewenste misschien?” Zo’n vraag noemt men wel eens in sociolgische kringen een open vraag. En daarmede stuur ik jullie, lieve beeldschermkindertjes, vanavond bedstedegewaarts. Denk daar maar eens over na. Maar leg vooraf even het overheerlijke boek van Wraoul op het nachtkastje. Voor het geval u nog eens twijfelt of u zou storten of niet. Lees eerst en stort dan toch maar. U heeft goed gekozen! [op de tonen van het welgekende melodietje].

*Met dank aan Odette, via wiens fijnzinnige neus dit boekje mij kwam aanwaaien. [Odette, de hoeken zijn nog steeds ongekreukeld, maar op pagina 30 zit er een neushaartje tussen de middenplooi, ik had die dag de bladwijzer niet meteen bij de hand.]

** By the weg: storten voor de Banana Appeal kan te allen tijde, zie de link naar Bert Verdonck of de BananaMan hierboven.

mothers of africa

Ontroerend videoproject over de outstanding mothers of Africa.