employer branding (2)
Bij BASF het volgende gesprekje genoteerd, wanneer ik hen bel [en om een gesprek met de HR-manager van dienst vraag] om het over employer branding te hebben :
Ik bel met VOIP naar BASF Antwerpen.
BASF: “Allooo, Bee-Aa-eS-eF.”
Erika: “Goeiedag, …bla bla journaliste.”
BASF: “Ao da weitekik ni, zenne, séh.” (gefluister, zo hard dat de journaliste het kan horen)
“Eéé! Is da ni dee van de Léjoo diekik moet emme?”
“Dee van de Léjoo, éi?” (volgt antwoord van Frutsel in nabijgelegen vertrekken)
“Joa , da’s dee van de Léjoo.”
BASF: “Da’s baa Léjoo Scheers da ge moet zen, ik verbind a deur.”
Het hoeft geen betoog: ‘Dee van de Léjoo’ wist me te zeggen dat de Léjoo met vakantie was (ik laat in het midden of ze ‘met vakantie’ of ‘mé verlof’ zei) en ze ging Léjoo laten terugbellen.
Wat later viel mijn euro dat ze - vermoedelijk - tegen een collega in de back-office sprak en
dat “dee van de Léjoo” waarschijnlijk de secretaresse van ‘de Leo’ was.
‘T zen lappe!
In ellek geval:
Nooit nog iets van de Léjoo Schéééérs gehoord, noch van de vijftien andere bedrijven die ik met dezelfde reden opbelde. Uiteindelijk toch vier bedrijven te pakken gekregen: JANSSEN PHARMACEUTICA (zéér snelle reactie!), UZ LEUVEN (zéér schrander vrouwenteamwerk!), en op de valreep A.S. ADVENTURE en THE COCA COLA COMPANY (plezant weerwerk!).
Wat employer branding betreft, denk ik dat zij het wel begrepen hebben.
Het artikel verschijnt op 12 april in Jobat. Wordt vervolgd, dus.
Posted: April 6th, 2008 under CSR, comedy.
Comments: none
Write a comment